Waarde en prijs van een bedrijf; het verschil

Misverstanden
Over de waarde en waardering van ondernemingen bestaan veel misverstanden. Bijvoorbeeld dat de waarde gelijk is aan de prijs die voor een (gelijksoortige) onderneming is betaald, dat de waarde gelijk is aan het eigen vermogen of dat de waarde gelijk is aan x-keer de winst.

De optimale prijs wordt bereikt als op de markt vraag en aanbod in evenwicht zijn. Maar op de markt voor bedrijfsovernames is er vrijwel nooit evenwicht. Dit betekent dat de prijs en de waarde van een onderneming behoorlijk uiteen kunnen liggen. Net als de huizenmarkt een paar jaar een “kopersmarkt” en vervolgens een paar jaar een “verkopersmarkt” kan zijn, kan de markt voor bedrijfsovernames van jaar tot jaar verschillen. Dit is van invloed op de waarde van een onderneming.

Subjectief
De prijs en de waarde verschillen ook doordat een koper van een bedrijf anders naar dit bedrijf kijkt dan de verkoper. Iedere partij bekijkt de onderneming vanuit zijn eigen (subjectieve) perspectief en kent dus een andere waarde toe aan het bedrijf. Tijdens het onderhandelen wordt vervolgens vaak een prijs bereikt die weer afwijkt van het bedrag dat beide partijen de onderneming waard vinden. Zo zorgt ook de perceptie van waarde door verschillende partijen voor een verschil tussen waarde en prijs.  

Een voorbeeld
Een autowasstraat in een middelgrote stad heeft al jaren een stabiele en goede geldstroom en de verwachting van de ondernemer is dat deze in de toekomst stabiel zal blijven. Deze verwachting is goed onderbouwd. Eigenaar meneer Jansen overweegt zijn bedrijf te verkopen. Een Register Valuator berekent de economische waarde van de onderneming op € 1.200.000. Meneer Van Dalen overweegt deze wasstraat te kopen. Hij kan zich vinden in de uitgangspunten van Jansen. Toch vindt hij een prijs van € 1,2 miljoen te hoog. Hij beschouwt een alternatief; zelf een autowasstraat openen.

Na uitvoerig onderzoek komt Van Dalen op de volgende optelsom:

Stichtingskosten autowasstraat   650.000
Marketingcommunicatie     150.000
Afwijking normrendement in aanvangsjaren     100.000
Totaal     €  900.000                                                                                                 


Alles bij elkaar opgeteld kost het hem € 900.000 om in dezelfde positie te komen als wanneer hij de wasstraat koopt van Jansen. In de prijsonderhandeling voor de aankoop biedt Van Dalen € 800.000. Dit bedrag motiveert hij als volgt. Als hij helemaal van nul af aan start, moet hij €900.000 investeren. Om de wasstraat van Jansen dezelfde positionering te geven van een modern en milieuvriendelijk bedrijf begroot Van Dalen een investering van € 100.000. Om uiteindelijk zijn doel te bereiken heeft Van Dalen dus vanuit zijn perceptie twee gelijkwaardige alternatieven.

In het voorbeeld hebben koper en verkoper geen verschil van inzicht over de uitgangpunten. De waardeperceptie die de verkoper heeft bij zijn bedrijf was reëel in de ogen van de koper en toch zou de verkoopprijs 1/3 lager zijn dan de berekende waarde, simpelweg omdat de koper een alternatief heeft om in dezelfde positie te komen. Dit illustreert het verschil tussen waarde en prijs maar ook dat dit verschil op basis van economische principes te verklaren is.  Hieruit blijkt dan ook dat de waarde van een bedrijf niet is "wat de gek er voor geeft".

Conclusie
In de praktijk wordt een waardering die is gebaseerd op historische resultaten (bijvoorbeeld 4 x de winst over het afgelopen jaar) dus vaak eenvoudig van tafel geveegd. Daarom laat u de waardering van uw onderneming over aan een professional; de Register Valuator die alle factoren meeweegt in zijn oordeel.

 

Vind een RV
evenementen
CVA Training and Exam
As a member of NIRV - Nederlands Instituut voor Register Valuators - you have recently been informed...
evenementen bekijken
Vind een RV